Schrijfopdracht genre

Sinds een tijdje ben ik bezig met een schrijfcursus om zo de eerste stappen te zetten om een heus boek te schrijven. Uiteraard moet ik voor deze cursus schrijfopdrachten maken, graag neem ik jullie mee in mijn ontwikkeling naar boekenschrijver door deze opdrachten te delen. Als je feedback hebt op de stukken hoor ik het natuurlijk heel graag.

Het wachten duurt eindeloos. Ik ben al zes keer opgestaan en naar de drankautomaat gelopen, om zonder drinken weer terug te keren naar de stoel. Rick wordt er gek van, maar hij zegt niks. Ik zie aan zijn ogen dat ik hem zenuwachtig maak, hij knippert vaker dan normaal. Gek dat we elkaar nog niet zo lang kennen en ik dit al van hem weet. Een van de agenten achter de balie wenkt ons, we mogen ons zegje komen doen. “Goedemorgen, waarmee kan ik jullie helpen?” Ze kijkt er nors bij, maar zeker voor een agent op het bureau klinkt ze vriendelijk. Ik leg het verhaal wederom uit en vraag naar meer informatie over het onderzoek. “Helaas mogen wij geen uitspraken doen over lopend onderzoek. Er zal contact met u worden opgenomen wanneer er iets te melden is.” Deze boodschap heb ik te vaak gehoord en er knapt iets in me.

“Mevrouw, ik ben hier al weet ik hoe vaak geweest en er wordt geen contact met mij opgenomen. Mag ik alstublieft een van de rechercheurs spreken? Het gebrek aan informatie staat mijn herstel en dagelijks leven enorm in de weg.” De tranen springen in mijn ogen van frustratie. Wat een gezeik elke keer! Rick probeert de boel te sussen, maar ik ben er klaar mee. “Kunt u iemand bellen die ons te woord kan staan? Want ik trek dit niet langer.” Het klinkt dramatischer dan ik het bedoel, maar misschien heeft het effect. “Mevrouw, ik denk niet dat u veel wijzer zal worden door een gesprek met een rechercheur. Ook zij mogen geen uitspraken doen over een lopend onderzoek.” Het kost me moeite om niet helemaal uit mijn panty te gaan.

“Wilt u toch even bellen? Het zal haar misschien wat geruststellen.” Rick lijkt dit veel beter aan te kunnen. Ik sla het liefst nu iemand in elkaar. Maar blijkbaar hebben zijn zalvende woorden effect, want na zijn eindeloze politiek correcte zinnen gaat de hand van de agent richting de telefoon. “Ik ga het proberen, maar pin me er niet op vast. Als ze geen tijd hebben zullen jullie toch echt een andere keer terug moeten komen.” Ze kijkt er streng bij, alsof ze wil onderstrepen dat we straks echt moeten opdonderen. We worden weer naar de wachtruimte gedirigeerd waar het eindeloze wachten op niks verder kan gaan. Ik mag toch hopen dat er snel bericht komt want ik sta ondertussen niet meer voor mezelf in.